9 februari 1968: Centraal Station - Zuidplein

Op 14 maart 1959 nam de Rotterdamse gemeenteraad het besluit tot aanleg van een metrolijn tussen het Centraal Station op de rechter Maasoever en het Zuidplein op de linker Maasoever. Dat besluit kwam er, nadat vooral het autoverkeer in de jaren na de Tweede Wereldoorlog aanzienlijk toenam. Er werden eerst plannen gemaakt voor de aanleg van een tramtunnel als oeververbinding, maar de vervoerscapaciteit van de tram stond, zo bleek uit een onderzoek, in schril contrast met die van een metro.

In 1959 begon de metrobouw met de realisatie van twee enorme bouwdokken op het Weena en het Churchillplein. Hier werden complete tunneldelen opgebouwd, evenals (delen van) stations. Later werd op het eiland Van Brienenoord een groot bouwdok gerealiseerd, waar tunneldelen voor het rivierkruisende gedeelte gefabriceerd werden.

 

alt

Bouw van metrostation Stadhuis, ter hoogte van bouwdok Weena.

 

Het metrotracé werd deels ondergronds, deels bovengronds geprojecteerd. De stations Centraal, Stadhuis, Beurs en Leuvehaven kwamen ondergronds te liggen. Na station Leuvehaven werd de Nieuwe Maas gekruist middels een tunnel, waarna ter hoogte van de Parallelweg de metro bovengronds zou komen te rijden en wel op een viaduct. Hierbij werden de stations Rijnhaven, Maashaven en Zuidplein aangedaan, waarvan de laatste het eindpunt. Het geprojecteerde traject werd ook daadwerkelijk gebouwd en de lengte van de eerste metrolijn bedroeg 5,8 kilometer.

 

alt

Bouw van de tunneluitgang en de oprit van het metroviaduct ter hoogte van de Parallelweg in Rotterdam-Zuid. Rechts de sporen naar de remise Hilledijk.

 

De metrorijtuigen, welke nog in aanbouw waren, moesten ook ondergebracht kunnen worden, ondermeer voor het plegen van onderhoud. Een locatie waar voldoende ruimte was, bleek het NS-emplacement Rotterdam Zuid Goederen. Deze locatie was gelegen tussen de Parallelweg en de Hilledijk. Besloten werd om naast een metrowerkplaats ook een werkplaats voor de tram te bouwen. Dit omdat het tramvervoer tussen de linker en rechter Maasoever met de indienststelling van de metro verdween. Daarnaast werd op het terrein een emplacement gerealiseerd, waar de metrotreinen gestald konden worden. Ook werd er een Post T(reindienstleiding) gebouwd, van waar uit infrastructuur van het gehele metronet te bedienen was.

 

alt

De eerste metrorijtuigen in aanbouw bij treinbouwer Werkspoor (Utrecht).

 

alt

Op de remise Hilledijk was ook een emplacement gesitueerd, waar de metrorijtuigen opgesteld werden.

 

Op 15 juni 1966 kwam het eerste Rotterdamse metrorijtuig aan in Rotterdam. Het metrorijtuig had een reis achter de rug over het NS-spoor, vanuit Utrecht. De metrorijtuigen in de serie 1-27 werden gebouwd in Utrecht bij treinfabrikant Werkspoor, naar ontwerp van de RET. De metrostellen werden 29 meter lang, 3,630 meter hoog en 2,676 meter breed en voorzien van 6 gelijkstroommotoren (2 per draaistel) die een continue vermogen leverden van 49kW. De topsnelheid voor de in die tijd moderne metrorijtuigen was 80 km/h. Vanaf begin augustus 1966 werden met de eerste drie metrorijtuigen proefritten gehouden op het emplacement.

 

alt

Aankomst van metrorijtuig 1 op 15 juni 1966.

 

Vanaf maart 1967 vonden er ook proefritten op de hoofdbaan plaats, eerst openkele delen bovengronds, later in dat jaar ook ondergronds. Er werd een uitgebreid proefbedrijf gehouden zowel zonder als met passagiers. Dit proefbedrijf is onder andere noodzakelijk geweest om de stroomvoorziening en spoorbeveiliging te testen.

 

alt

Een proefrit op de metrobaan tussen de stations Leuvehaven en Rijnhaven.

 

Op 9 februari 1968 was het zover: om kwart over tien 's morgens, verrichtten prinses Beatrix en prins Claus de openingsceremonie in De Doelen, door middel van het indrukken van twee knoppen. Een daverend applaus volgde, toen op een levensgroot tableau lampjes gingen branden en het gloednieuwe metrotracé, van Centraal Station naar het Zuidplein, zichtbaar werd. Daarna volgde een korte film overde bouw van de eerste zeven stations en de bijbehorende tunnels en sporen. Er waren in totaal zo'n 1800 genodigden aanwezig: met name metrobouwers, pers, RET-personeel en afgevaardigden uit de hele wereld.

Een aantal hoogwaardigheidsbekleders vertrok niet veel later naar het Centraal Station voor de eerste officiële rit. Onder leiding van onder andere RET-directeur van Leeuwen lieten prinses Beatrix en prins Claus zich vervoeren door het voor die tijd hypermoderne vervoermiddel. Op het station liet onder andere het RET-mannenkoor van zich horen en weerklonken onder andere de volgende woorden:

Juich Rotterdam, dit is een dag van glorie
juich Rotterdam, een mijlpaal in d'historie
een nieuwe schakel tussen Noord en Zuid
een tijdperk dat wordt ingeluid, dus
Juich Rotterdam, en richt de blik vooruit!